Kindervoeding en Zwangerschap

Caroline is binnen onze praktijk gespecialiseerd in kindervoeding. Zij heeft hier de opleiding kinderdiëtetiek voor gevolgd. Als kinderdietist weet ik alles over de verschillende voedingsproblemen die kinderen kunnen hebben. Dit kan gaan van selectieve eters tot koemelkeiwitallergie of kinderen die geen groenten willen eten. 

Om ouders op weg te helpen bespreken wij hier dan ook de meest voorkomende voedingsproblemen bij jonge kinderen. Heb je meer vragen of wil je graag een afspraak voor jouw kindje inplannen neem dan gerust contact op met Caroline (Caroline@Carasvoeding.nl/0681985485)

Spugen bij jonge kinderen

Spugen is bij hele jongen kinderen tussen de 0 en 1 jaar heel gewoon. Ouders maken zich vaak zorgen als hun kindje vaak moet spugen, maar in de praktijk valt dit vaak wel mee. Als een baby een boertje laat, komt er soms ook een beetje voeding mee terug. Om spugen zoveel mogelijk te voorkomen helpt het om je kindje meer rechtop te houden tijdens het voeden. Er kan worden aangehouden dat zolang je kindje 6 natte luiers heeft per dag, goed groeit en vrolijk is, en geen reden voor zorgen nodig zijn. Heeft je kindje een van bovenstaande niet en spuugt het overmatig veel, ga dan altijd naar de kinderarts.

Kokhalzen en verslikken

De kokhalsreflex beschermt het kind als er voeding gegeven wordt waarmee het kind mond- motorisch niet overweg kan. Daarnaast kan deze reflex een uiting zijn over hoe het kind zich voelt. Is het kind ziek, is het angstig, heeft het stress of wordt voeding opgedrongen, dan zal het eerder kokhalzen. Ook reuk en smaak kunnen een kokhals reactie geven. Hoesten is een reactie als het kind zich verslikt in voeding.

Om een kokhals reflex te voorkomen adviseer ik ouders:

  • Neem een ontspannen houding aan, zowel voor de ouder als het kind
  • Dring nooit voedsel op
  • Let goed op de keuze van de fles en speen, een logopedist kan hier vaak mee helpen
  • Goed kijken of de voeding niet te dik is
  • Let op de techniek van je kindje, ook hier kan een logopedist in helpen

Darmkrampjes of excessief huilen

Huilt je kindje veel, en maak je je zorgen? Vaak is er geen reden tot paniek! In 5% van de gevallen heeft de oorzaak van het vele huilen een medische achtergrond. Kinderen tussen de 0 en 1 jaar huilen gemiddeld 1,5-2,5 uur per dag. Het wordt afgeraden van voeding te wisselen om het huilen te reduceren. 

Darmkrampjes kunnen ook ontstaan als het kind te veel voeding of te veel lucht met de voeding mee naar binnen krijgt. Uit verschillende onderzoeken blijkt dat het reduceren van prikkels, als onderdeel van de aanpak, zowel in de directe omgeving van het kind als in de woonomgeving, van invloed is op het huilen. Er wordt gestreefd naar regelmaat en voorspelbaarheid in slapen, voeden en spelen ten behoeve van het kind en de ouders met het doel het huilen te reduceren.

Tips en opvoedingsadviezen voor kinderen van 1-4 jaar

  • Bouw een herkenbaar eetritme op door op een vaste plaats, bijvoorbeeld aan tafel, en op vaste tijden te eten.
  • Bied maximaal 7 eet- en drinkmomenten aan per dag; geef hongergevoel een kans.
  • Beperk omgevingsprikkels, zet bijvoorbeeld de televisie uit.
  • Neem voldoende tijd om te eten. 20-30 minuten aan tafel zitten is voor de meeste kinderen voldoende.
  • Haal na de maaltijd het bord weg en voorkom ‘grazen’. Het volgende vaste eet en/of drinkmoment biedt de eerste nieuwe kans. Dus biedt geen alternatieven aan.
  • Geef ‘s avonds of ‘s nachts in bed geen eten of drinken, behalve water.
  • Eet met het kind samen en geef zelf het goede voorbeeld.
  • Zorg voor een ontspannen sfeer. Stress vermindert de eetlust.
  • Gebruik niet te veel afleidingsmanoeuvres om het kind te laten eten.
  • Presenteer de maaltijd uitnodigend en betrek kinderen bij het klaarmaken ervan.
  • Geef een kind voldoende tijd om nieuwe smaken te leren kennen. Kook geen aparte maaltijden.
  • Bied ruimte voor ontwikkeling en het opdoen van ervaring. Knoeien hoort erbij. Bepaal als ouders wel de grenzen.
  • Neem een ondersteunende en stimulerende houding aan en focus op wat goed gaat. Dit geeft het kind zelfvertrouwen en vergroot zijn praktische en sociaal-emotionele vaardigheden.
  • Let aan tafel extra op de manier waarop je met elkaar omgaat. Zoek oogcontact, praat en beweeg rustig en kijk neutraal of vriendelijk. Een blik of gebaar kan het kind stimuleren.
  • Spreek met elkaar tafelregels af en geef het kind het voorbeeld met een korte en duidelijke uitleg.
  • Bepaal als ouders/verzorgers samen de aanpak en steun elkaar in de uitvoering ervan. Vermijd conflicten aan tafel.
  • Gebruik geen eten om een bepaald gedrag te stimuleren (belonen) of juist te ontmoedigen (straffen).
  • Weigergedrag moet zoveel mogelijk worden genegeerd. Zet het kind zo nodig kort op een time-outplek. Voorkom dwingend voeden. Achtervolg het kind niet met voeding. Ook uithongeren, dreigen of straffen en apart laten eten zijn niet effectief. Forceren is niet effectief en kan negatieve associaties rond eten doen ontstaan, die angst en verzet veroorzaken.
  • Voorkom mechanistisch voeden (op de klok, zonder rekening te houden met de signalen van het kind).
  • Als eten tijdelijk niet lukt, richt de aandacht dan op andere activiteiten met het kind die wel soepel verlopen. Zo blijft de band goed.
  • Check bij verandering van eetgedrag of het kind ergens mee in de maag zit of iets onder de leden heeft.
  • Streef als ouder naar voldoende rust en ontspanning. Voorkom overbelasting en schakel op tijd hulp in. Hoe eerder een eetprobleem wordt opgelost, hoe beter.

Kindervoeding 0-4 jaar

De eerste 4 maanden geef je jouw kindje het liefst borstvoeding. Lukt dit niet, geef je kindje dan een goede en volwaardige kunstvoeding. Let hierbij goed op de hoeveelheid suiker en andere ‘minder gezonde’ stoffen in de kunstvoeding. Vanaf 4 maanden kun je beginnen met oefenhapjes zoals, geprakte groente of fruit. Vanaf 8 maanden kan je kindje bijna volledig op de vaste voeding overgaan. Bouw langzaam de melkvoedingen af en geef steeds meer vaste voeding. Begin met groenten zoals, bloemkool, broccoli, pompoen en boontjes voor groenten. Voor fruit gebruik kan je banaan, peer, appel en meloen gebruiken. Voor meer informatie kun je naar het voedingscentrum.nl. Heb je meer voedingsvragen of eet je kindje niet goed dan kan je een afspraak maken met een van onze diëtisten.

Kindervoeding 4-12

Kinderen leren in deze periode steeds meer smaken, vormen en producten kennen. Het ene kind gaat hier gemakkelijker mee om dan de ander. Veel kinderen in de periode van 4-6 jaar lustten vaak weinig, en krijg je ook niet goed aan het eten. Zorg dat je je kinderen niet dwingt hun bord leeg te eten, en beloon ze zeker niet met een toetje als er niks is gegeten. Jonge kinderen geven zelf aan wanneer ze moeten en willen eten, dwingen werkt vaak averechts. Als je wilt weten hoeveel je kind per dag nodig heeft, kijk dan op het voedingscentrum.nl

Zwangerschap

Veel vrouwen denken bij hun zwangerschap voor 2 te moeten gaan eten. Dit is zeker niet nodig en ook niet altijd heel gezond. Het klopt dat je iets meer voedingstoffen nodig hebt om je baby goed te laten groeien, maar je lichaam gebruikt zijn voedingsstoffen efficiënter, waardoor je uiteindelijk niet veel meer moet eten dan je normaal zou doen. Let wel op dat je tijdens je zwangerschap en een aantal maanden ervoor extra foliumzuur en vitamine D bij slikt. Wil je meer informatie over gezond eten tijdens de zwangerschap kijk dan op het voedingscentrum.nl. In de onderstaande tabel kan je lezen wat je het beste allemaal niet eet tijdens je zwangerschap. Niet eten tijdens zwangerschap

×